TERUGBLIK ZSB COMPETITIE 2014-2015

 

 

 

 

Inleiding

 

DZD 1

Vorig seizoen werden we eenvoudig kampioen in de Promotieklas en de promotie-degradatiewedstrijd tegen SVWZV 1 wisten we makkelijk te winnen, zodat we het weer in de Hoofdklas mochten proberen. Eenvoudig zou het niet worden, want we wisten dat we eigenlijk maar 7,5 “vaste” speler hadden (Ton van Vliet zou namelijk niet mee spelen als BSV 3 thuis zou spelen).

Het werd een spannend seizoen waarin we ternauwernood 5e werden. We konden Middelburg 1 net achter ons houden. We hadden de minste bordpunten (35,5, 44%); overigens hadden Middelburg 1 (36,5) en Souburg 2 (36) er niet veel meer. Souburg haalde dat met aantal bordpunten 12 matchpunten (net zoveel als de nummers 1 en 2) en Middelburg 6 en wij 7. Het geeft ook wel aan hoe spannend de competitie weer was en hoe bijzonder: met 36 bordpunten (45%) gedeeld eerste  staan (zoals Souburg dus), maar ook dat je met 12 matchpunten (60%) kampioen kunt worden en promoveren naar de landelijke competitie: HWP 4 had het hele seizoen bovenaan gestaan, maar werd in de laatste ronde verslagen door Landau 2 dat daarmee in matchpunten gelijk kwam, maar meer bordpunten had (46,5, 58%).

Nog meer bizarre statistiekjes: Wij bezorgden kampioen Landau 2 de grootste nederlaag (6-2). Onze grootste nederlaag leden we tegen datzelfde Landau 2 (7,5-0,5). Alleen tegen HWP 4 verloren we twee keer. Datzelfde HWP kon als enige geen enkele keer van de nummer laatst Middelburg 1 winnen.

Individueel speelde iedereen wel ongeveer op zijn niveau. Onze 1800+ spelers speelden altijd aan de bovenste 4 borden en hadden een gemiddelde tegenstand van ook 1800+. Met 25% (2,5 uit 10) haalde Willy Meulblok een tegenvallende score. Opvallend was dan weer dat Willy in de avondcompetitie 100% scoorde (5 uit 5).

Topscorer werd Peter van der Borgt. Als we de invallers niet meerekenen (Herman Schoonakker scoorde 2 uit 2!) had Peter:

  • De hoogste absolute score: 6,5 punt

  • De hoogste relatieve score: 65%

  • De hoogste absolute score van de Hoofdklas: 6,5 punt

Vijf spelers  (Eric Clarisse, Willy Meulblok, Peter van der Borgt, Rinus den Hollander, Bram Koeman) deden alle wedstrijden mee.

 

DZD 2

Ook hier hebben we een iets te klein basisteam. Gelukkig konden we vaak een beroep doen op invallers. Jan Capello heeft zelfs 6 maal ingevallen (4 keer bij DZD 1 en 2 keer bij DZD 2).

Van meet af aan was wel duidelijk dat DZD 2 geen rol van betekenis zou spelen. Daar was onze gemiddelde rating te laag voor. DZD 2 werd dan ook 6e en laatste. Tegen HWP 5 en Middelburg 2 werd gewonnen; de rest werd verloren. Overigens waren de individuele resultaten (afgemeten aan rating) beslist goed. Herman Schoonakker scoorde op zaterdag (de resultaten van hem bij DZD 1 meegeteld) zelfs 5,5 uit 9.

Ondanks dat we voor DZD 1 en DZD 2 maar een beperkt spelersarsenaal hadden, hebben we toch maar twee keer een N.O.G. (niet opgekomen gehad; één keer voor DZD 1 en één keer voor DZD 2. Aan de andere kant had DZD 1 ook één keer dat de tegenstander een speler tekort kwam.

 

DZD A

DZD A was de verrassing van het seizoen: we stonden zelfs na de 4e ronde bovenaan. Dat kwam door een gunstig schema: de twee topploegen, Goes A en Souburg A moesten we pas op het eind bekampen en verrassende nederlagen van die beide topploegen. Uiteindelijk kwam alles op het eind weer goed: Goes A werd kampioen (met maar liefst 23 bordpunten, 82%; ze wonnen drie keer met 4-0).

Met 8 matchpunten (uit 7 wedstrijden) en 14 bordpunten (50%) werden we 3e. Denk en Zet A werd in de laatste ronde net door Middelburg A voorbijgestreefd en degradeert

Individueel deden Wouter Bliek (4,5 uit 6) en Willy Meulblok (5 uit 5) het erg goed, zeker gezien de gemiddelde tegenstand (van meer dan 1900). Opvallend was wel dat we voor 7 wedstrijden 12 spelers nodig hadden. Dat is veel.

 

DZD B

DZD B had ook veel spelers nodig: 11 (voor 9 wedstrijden). Overigens hadden we een basisteam van 4 spelers, die allemaal 6 wedstrijden of meer hebben gespeeld. Rinus den Hollander speelde alle wedstrijden mee. Op Marko Burger na scoorden alle leden van het basisteam  een plusscore.

Goes B is met afstand kampioen geworden: alles gewonnen, 8 matchpunten voor op de nummer 2. De degradant is Denk en Zet B. DZD B is 4e geworden met 10 matchpunten, net als Terneuzen A en De Vesting A, maar die hadden meer bordpunten. DZD B heeft 10 punten gehaald uit 9 wedstrijden en 18 (50%) bordpunten. Een gemiddeld seizoen dus.

 

DZD C

DZD C is kampioen geworden. Dat was ook de doelstelling, maar de tegenstand was best geducht. Dat DZD C toch gemakkelijk kampioen is geworden, is vooral dat we vaak met het basisteam hebben gespeeld. Bram Boone en Gayan den Hollander hebben alle 8 wedstrijden meegespeeld en ook Herman Schoonakker en Wilco Krijnsen waren er bijna altijd. Maar drie keer heeft een invaller gespeeld. Op Herman na behaalden de basisspelers scores van boven de 80%, wat goed is voor (voorlopig) de drie bovenste plaatsen in het individuele klassement in de Derde Klasse.

Als team scoorde DZD C 77% en behaalde 14 matchpunten (van de 16 mogelijke). Twee keer werd gelijk gespeeld: Goes C en Terneuzen B. Volgend seizoen in de Tweede Klas zal het moeilijk worden, maar als DZD C weer zo’n team spirit heeft kan het zeker een mooi seizoen worden.

 

DZD D

DZD D zit in de Derde Klas, waarvan de DZD C is. DZD D is op papier altijd de zwakste ploeg, maar is ook dit seizoen weer niet als laatste geëindigd. En dat is knap, gezien de gemiddelde rating van DZD D. Er was wel een beetje geluk nodig, want qua bordpunten hebben we de minste (10), maar Oostkapelle heeft minder matchpunten (3 tegen 4 voor DZD D). DZD D won van DEZ C en  speelde gelijk tegen Zierikzee B en Terneuzen B.

Had het C-team maar 6 spelers nodig, het D-team speelde met 5 spelers. Kopman Marius Leendertse speelde alle 8 wedstrijden en moest vaak de klappen opvangen tegen sterke tegenstanders. Kees Weststrate en Jaap van Oosten waren de puntenpakkers; beiden scoorden 3 punten. Albert van Zeist maakte zijn debuut en met 1 uit 3 was dat zeker niet slecht.

 

Trivia

Dat is een moeilijk woord voor “onbeduidende zaken”.  Kan zijn, maar weetjes die in elk geval leuk te weten zijn:

  • Gayan den Hollander speelde met 5 teams mee (1, 2, A, B en C)

  • Met 4 teams deden Jan Capello en Herman Schoonakker het net iets minder goed.

  • Rinus den Hollander heeft de meeste externe wedstrijden gespeeld (21)

En dan tenslotte nog iets over het tempo: in de avondcompetitie wordt een sneller tempo gespeeld dan in de zaterdagcompetitie. Is het nu zo dat we bij onze leden, die aan beide competities meedoen, verschillen zien (% en gemiddelde tegenstand in rating is vermeld):

 

Naam

Zaterdag

Avond

Bliek

56% - 1938

75% - 1960

Meulblok

25% - 1872

100% - 1909

Van der Borgt

65% - 1840

38% - 1942

Rinus den Hollander

50% - 1698

56% - 1634

Van Vliet

40% - 1517

67% - 1238

Boone

13% - 1593

81% - 1457

Schoonakker

58% - 1704

42% - 1333

Gayan den Hollander

60% - 1570

81% - 1045

 

Conclusie zou zijn dat er met name bij Willy, Bram en Herman een aanzienlijk verschil zit in resultaat: Willy en Bram zouden in de avondcompetitie het in een klas hoger prima doen (alhoewel dat voor Willy niet zal meevallen, want er is geen hogere klasse) en voor Herman geldt dat voor de zaterdagcompetitie. Bij Willy en Herman kan de conclusie natuurlijk ook zijn dat ze betere resultaten boeken als de tegenstand sterker wordt.

 

 

 

Evaluatie 2013-2014